Geniet nu van een gratis verzending voor alle bestellingen vanaf € 60,00.
Wat is faalangst?
Lees meer
Faalangst kan je krijgen wanneer je een examen moet afleggen, een spreekbeurt moet geven, gaan voorlezen, antwoorden geven op de vraag van een leerkracht, bij een rijexamen,etc. Iedereen kent situaties waarin je beoordeeld wordt: door de leerkracht, door de medeleerlingen en ook door jezelf. Dit kan spanning en angst veroorzaken.
Wat is faalangst nu eigenlijk?
Als de spanning, de angst om het niet goed te doen, zo hoog wordt dat je er zelf last van hebt, dan spreek je van faalangst.
Faalangst is de angst te mislukken of negatief beoordeeld te worden wanneer je moet presteren. Faalangst leidt niet noodzakelijk tot slecht presteren maar het kan toch een normale ontwikkeling in de weg staan.
Faalangst heeft vooral te maken met:
• negatief denken over jezelf
• druk en eisen van de omgeving
Wanneer je erg te kampen hebt met faalangst, zal je zeker proberen om mislukken te vermijden. Sommigen doen dit door zich extreem in te spannen, dit noem je actieve faalangst. Anderen daarentegen doen helemaal niets wat passieve faalangst wordt genoemd.
Hoe kan je faalangst herkennen?
Faalangst kan zich op verschillende manieren uiten, zowel tijdens het studeren (ook bij de voorbereiding) als op school tijdens een opdracht of toets.
• Actieve faalangst:
o lichamelijke spanning: hoofdpijn, hartkloppingen, gebrek aan concentratie, trillen, rood worden, zweten, buikpijn, hyperventilatie
o veel maar niet efficiënt studeren: uit het hoofd leren, slecht zelfstandig kunnen studeren, steeds opnieuw herbeginnen, perfectie nastreven zodat er weinig tijd voor ontspanning rest.
o negatief over jezelf denken (“ik kan het niet”) en perfectionisme (“ik mag geen fouten maken”)
o angstig gevoel
• Passieve faalangst:
o gemakkelijk uitstellen, gebrek aan concentratie, vlak voor het examen veel en laat werken
o niet meewerken in de klas en daardoor de indruk wekken dat je lui bent
o gemakkelijk geneesmiddelen innemen
o extreem relativeren: “t’is niet belangrijk, dus doe ik er niets voor.”
o geen examen afleggen
Wat kan je eraan doen?
Als leerling kan je je faalangst aanpakken door je situatie te wijzigen (nagaan of je studierichting niet te zwaar is), je denkpatroon te wijzigen (onzinnige gedachten vervangen door zinnige gedachten “ik moet niet perfect zijn.”), je lichamelijke spanning te verminderen door ademhalings- en ontspanningstechnieken.
Als ouder kan je je kind helpen door het te aanvaarden zoals het is (de angst van je kind erkennen), zijn zelfvertrouwen op te bouwen (wijzen op wat je kind wel kan), te zorgen voor een evenwicht tussen studie en ontspanning. Je kan als ouder ook al contact opnemen met het CLB, die je kan helpen met grondige informatie omtrent faalangst.